In deze tijd waarin iedereen een mening heeft en het soms onverdraaglijk lijkt dat iemand een ander standpunt is toegedaan is het wel eens goed de eigen betrekkelijkheid in te zien in het leven. Bescheidenheid is een kunst die niet iedereen is gegeven. En eerlijk is eerlijk, ik vind het ook fijn als ik ‘likes’ krijg op posts die ik plaats op social media. Mensen begrijpen mij! Zie je wel! Ik weet iets wat ‘waar’ is. Terwijl de hoeveelheid mensen die juichen wellicht meer iets zeggen over de tijdsgeest dan over het universele gelijk, wellicht meer iets zeggen over persoonlijke rancune van mensen dan over social impact.
Versimpeling
Taal heeft de neiging makkelijker te worden. We maken steeds kortere zinnen, proberen ondoorzichtig taalgebruik uit te bannen en vermijden ellenlange bijzinnen. Op overheidsniveau probeert men op B1 of B2 nivo te communiceren. Er is een journaal in makkelijke taal en de democratisering heeft er onder andere toe geleid dat ook mensen met beperkte intellectuele capaciteiten mee kunnen doen en meetellen in de samenleving.
Che fossi io il problema?
De samenleving is nu echter tegelijkertijd verdeeld over wat democratisch zou zijn. Nou heb ik de behoefte om deze zin in het Italiaans te schrijven. Omdat dat dan andere zaken aan het licht komen in de discussie, in het sentiment over wat democratie zou moeten zijn. Che cosa sia la democrazia. Dat zou ik in het Nederlands vertalen met de zin: Wat is dat precies, de democratie? Maar in het Italiaans gebruik je daar de aanvoegende wijs voor. De klankkleur verandert, mijn gevoel verandert. Wat is dat precies, democratie. De conjunctief wordt gebruik om het onderscheid te maken tussen subjectief en objectief. Tussen materie en geest. Tussen goddelijke interventie, de predestinatie en handelingsvrijheid. En dwingt je daarover na te denken.
Hoe wijs is dat?
Oude talen zijn mooi. Grieks en Latijn, ik heb het niet gehad op de middelbare school. Het leek mij hopeloos ouderwets en niet relevant om daar je tijd aan te besteden. Maar in de oude talen, zo leerde ik later, heb je veel meer modussen (wijzen) om goddelijke interventie mee aan te duiden. In de taal heb je tijden (ik was, ik heb gedaan, ik zal / ga doen) en je hebt wijzen. In het Nederlands bijvoorbeeld de Gebiedende Wijs: Ga zitten! Daarnaast heb je de Voorwaardelijke Wijs (in het Italiaans de Condizionale). In het Nederlands gebruiken we dan het hulpwerkwoord ‘zouden’. Zou je even mijn pen willen geven? In het Italiaans vervoeg je het werkwoord. Potresti dare la mia penna?
Onttovering en intolerantie zijn een keus
Mijn zoon heeft Latijn op de middelbare school en ik was met hem aan het filosoferen over actuele Nederlandse manieren om de aanvoegende wijs (conjunctief) of de Latijnse optativus te gebruiken. Moge je boterhammen altijd klef uit je trommeltje komen, speculeerden we. In het dagelijks Nederlands is er geen ruimte meer voor dergelijke goddelijke bezweringen en gaan we een trede lager in de taalkundige beoefening. Goddelijke mogendheden zijn verdwenen uit onze taal. We denken dat we zelf de Masters Of The Universe zijn geworden met onze technologie en de wereld is onttoverd in onze taal. We kunnen volgens mij echter zelf kiezen of we willen leven in een wereld met een Misschien is het zo dat….. Het hoeft geen ja of nee te zijn. We hoeven niet binair te denken. Maarja, zoals Cruyff zei: je gaat het pas zien als je het doorhebt.


Geef een reactie