Een handleiding
Meet en downloaden, maar ook profit, return on revenu, leverage. Veel woorden uit de technologie en het bedrijfsleven hebben een Engelse touch. Om onze taal te beinvloeden kijken we naar wat macht en status heeft.
Geld dus.
Maar is het hebben van geld nog wel een indicatie van status als we zien dat de broligarchen zo onbezonnen en egoïstisch handelen? Amerika is onze BFF niet meer. Als het antwoord nee is kunnen we kijken naar échte cultuur en niet naar materieel welzijn voor het beïnvloeden van taal. In grote gebieden van Europa zien we dat meertalige mensen vanuit diversiteit, een manier van anders zijn, een stempel drukken op de taal.
Laten we kijken naar het kleine en het kwetsbare.
Het ergste woord uit het Engels is naar mijn mening het woord ‘loser’. Iemand die er niet bij hoort omdat hij onvoldoende geld of status heeft en dat aan zichzelf te danken heeft. Empathie is niet voor losers, maar iets waarover we mogen leren in de werken van schrijvers. Laten we empathie hebben voor het kleine en het kwetsbare en het eren. Laten we troost putten en liefde herkennen, ons verdriet weerspiegeld zien en hoop halen uit contact met het kwetsbare.
In dit essay zal ik betogen voor een nieuwe Europese lingua franca, met nieuwe woorden en klanken uit doorleefde plekken, waar kwetsbaarheid gedragen wordt met een volwassen verantwoordelijkheidsgevoel. Als Italianist pleit ik voor minder taalpurisme. We kunnen hate speech bestrijden door bewust om te gaan met onze aandacht en tijd voor talige vormen van anders-zijn.
Laten we aan de onderhandeltafel gaan en compromissen sluiten over betekenis en herdefinieren wat betekenisvol is. Ik ben een Italianist, dus dat is mijn (willekeurige) manier om betekenisvol te zijn. Het is een voorbeeld, maar de mogelijkheden zijn divers. Je anders-zijn, je pluriformiteit een voorwaarde.
Tijd voor een nieuwe lingua franca
In de Middeleeuwen was het Latijn de lingua franca, in de Vroegmoderne tijd het Frans en de 20e eeuw was het de tijd van het Engels. Maar het is tijd voor een nieuwe lingua franca. Een Europese pidgin die nog niet erkend is als taal, een nieuwe taal die we samen kunnen creëren. Een taal waarin ruimte is voor subjectiviteit, wilde ideeen en twijfel zonder gebruik te maken van een conjunctief. Een taal die iedereen begrijpt. Die zegt: ik zorg voor je. Een taal van barmhartigheid die niet gereserveerd is voor één religieuze groep, voor één geografische locatie, voor één huidskleur. Een taal waarin je anderen ziet en zelf gezien wordt.
Voor innovatie hebben we culturele vernieuwing nodig. Volgens de Italiaanse marxist Antonio Gramsci moeten we kijken naar een culturele voorhoede. Ik denk niet dat Gramsci had gewild dat dat een groep nationalistische witte mannen zou zijn. Als voorstander van gelijkheid zou Gramsci in onze tijd hebben gepropageerd dat het een inclusieve beweging zou zijn. Hij dacht dat een gedeelde identiteit werd geleid door een culturele avantgarde, die dacht vanuit de belangen van het volk. Die het volk begreep. Maar het volk, de avantgarde, de geheim agent, de antifascist en de fascist; dat zijn wij allemaal zelf. Ieder kan zijn rol spelen en pakken in dit toneel. We moeten zelf beseffen dat we al die kanten in ons hebben.
We kunnen laten zien dat we meertaligheid beoefenen, dat we houden van cultuur en dat we het kwetsbare eren, in onze taal.
Natalia Ginzburg schreef begin jaren ’70 twee essays over universeel mededogen. Ze schreef daarin hoe je altijd kunt kijken naar de underdog voor het bepalen van rechtvaardig handelen. Als we maar onze taal konden laten beïnvloeden door de underdog en niet door de status van geld en macht! Is het niet mogelijk denkt u om deze psychologische reflexen te doorbreken? Twee eeuwen geleden was slavernij nog geaccepteerd, een eeuw geleden was de vrouw nog handelingsonbekwaam. Men achtte een andere manier van denken niet mogelijk, maar dankzij moeilijke mensen die werden verketterd zijn er dingen veranderd. Laten we spreken als ketters over liefde, over het kleine en het kwetsbare.
Mijn suggestie: minder taalpurisme
Zou het, om onafhankelijk te worden van het Amerikaanse welvaartsideologisch infuus, niet beter zijn om in plaats van de Engelse neologismes een brabantse zachte g te gebruiken voor een woord zoals ‘gunnen’. Een mooi woord dat niet bestaat in het Italiaans, de taal waarin ik lesgeef. Augurare (wensen) dekt de lading niet. Misschien kunnen we Italianen een beetje regionalisme uit het Nederlands ‘gunnare’. We kunnen een Italiaanse suffix toevoegen en voilà je hebt een nieuw Italiaans werkwoord.
Die ui klank is dan natuurlijk wel een dingetje voor Italianen, en de gl is moeilijk voor Nederlanders, maar misschien zouden we ook gewoon fonetica als im – en exportproduct kunnen verstevigen.
Uitwaaiennare, ook leuk. Gaan we naar het strand vandaag? Ho propria voglia di uitwaaiennare! Ik heb echt zin om uit te waaien. Ik snap niet waarom dat nou zo bizar voorkomt, want bij het Engels gebeurt het massaal. Zoals Nederlanders Italiaanse woorden kunnen integreren in hun taal, kunnen Tsjechen kiezen voor Spaans en fransozen voor Roemeens. Zoals Nederlanders kunnen kiezen voor Deens, Iers of Sloveens, kunnen Albanezen kiezen voor Bosnisch of Portugees.
Door de ode aan meertaligheid van Lisette Ma Neza i ben ik ook haar enthousiasme gaan delen voor de Nederlandse suffix – baar, wat iets mogelijk maakt. Kusbaar, doenbaar, schrijfbaar, denkbaar. Hoe mooi is het om met de ogen van een buitenlander te kijken naar je eigen taal. Zo heb ik ook geleerd met buitenlandse ogen te kijken naar de werkwoorden van beweging: meelopen, wegrennen, binnenrijden. Vooral alles met ‘mee’ is prachtig. Het bestaat niet in het Italiaans: een prefix voor gezelschap om samen iets te doen. Meefietsen, meedenken. Maar je moet een andere taal kennen om het zelf te zien. Je hebt een extra paar ogen nodig.
Als we ook de invloed van Big Tech wat willen bannen en echt serieus werk willen maken van dat cultuuroffensief, misschien is het dan ook een goed idee om il dolce far niente meer in te laten burgeren in Nederland en in Italie meer te gaan niksennare. Dat zou de Europese identiteit vast ten goede komen. En als we als een bourgondier in Nederland een buona forchetta zijn en als we uitbuikennare gaan introduceren in Italie dopo il pasto (na de maaltijd), dan zou dat ook helpen.
Meer leenwoorden, meer meertaligheid, meer diversiteit in één persoon.
Het bestrijden van Hate Speech
We hebben allemaal onze woorden waar we van houden, ons verleden dat we dragen, onze moeder- of vadertaal die we koesteren. Laten we vooral de woorden gebruiken waar we van houden. En stop die hate-speech op een plek ver weg in Silicon Valley, waar hij is ontstaan, te midden van het recht op sociopathie en desinformatie.
Het is heel moeilijk haatdragende berichten te bestrijden. De vrijheid van meningsuiting is zo’n belangrijk onderdeel van onze democratie dat het heel lastig is om deze in te perken, zonder het risico te lopen dat de beperking door machthebbers wordt gebruikt om meer controle uit te oefenen op minderheden. Iets wat we juist niet willen. Maar die vrijheid van meningsuiting is eigenlijk alleen toelaatbaar in de mate waarin we het nu hoogachten, als we tegelijkertijd kijken naar de plichten in ons taalgebruik. Zoals de Italiaanse linguist Vera Gheno schrijft: dubbio, riflessione e silenzio. Twijfel en reflecteer even, sta even stil voordat je iets post.
Maar wie kijkt er nog naar die plichten?
Vrijheid als de afwezigheid van plichten is geen vrijheid, maar het recht van de sterktste. Degene zonder begrip maar met een lange arm en een straffende toon.
Maar wat is het mooiste wat we hebben? Wat is het kostbaarste wat je een ander kunt geven?
Aandacht, tijd en fonetica
Klanken en gevoelens geven betekenis aan onze zinnen. Meer dan pizza of ananas, meer dan klompen en pindakaas, hamburgers of guns. Meer dan producten.
Hoe kunnen we echt luisteren naar die nieuwe klanken en naar die nieuwe informatie? Luisteren zonder oordeel is wellicht onmogelijk, maar we kunnen wel de cognitieve controle nemen om iets tijd en aandacht te geven. Tijd en aandacht is het kostbaarste wat we hebben. Hier wordt politieke verandering mogelijk.
Nu Tata Steel wellicht in de toekomst vertrekt naar het buitenland en we onze commerciële dominante positie verliezen, moeten we toch denken aan andere markten. Hoe kunnen jouw klanken mij bereiken, lezer? Spreek met mij en vertel me je verhaal. Laat jouw verhaal mij raken en mij veranderen. Opdat ik jouw woorden kan gebruiken, mijn verhaal kan aanpassen. En van jou kan leren.
Italianen houden van vocalen en er zit herhaling en rijm in het gebruik van die vocalen in die zinsopbouw. Maar graag zou ik leren over opeenvolgende medeklinkers en over vreemde letters met hoedjes en dakjes.
Als we geen hard power meer hebben in de toekomst door verlies van materiele productie, laten we dan tenminste zorgen dat we op Europees nivo onze culturele soft power op orde hebben. Tijd en aandacht voor onbekende klanken en woorden zijn onze zachte krachten. De zachte krachten die zeker zouden winnen.


Geef een reactie