Hoeveel woorden zijn ‘een woordje Italiaans spreken’?

Woordenschat

Voor DitisItaliaans maakte ik drie taaltrainingen Italiaans. Een vakantiecursus, voor wie alleen wat wil spreken op vakantie, een A1 training en een A2 training. Bij die trainingen zitten woordenlijsten. Oldschool. Bij de vakantiecursus zijn dat thematische lijsten op basis van het onderwerp van de les (bijvoorbeeld ‘In het restaurant’ en ‘Op de camping’ en bij de A1 en A2 training zijn het woorden uit de lijst van Italie’s meest gebruikte 1000 woorden, die zijn ‘ontdekt’ in een wetenschappelijke Italiaanse studie en vervolgens zijn gekapitaliseerd door verschillende Italiaanse websites en door de publicatie van Alma Edizioni. Voor de A2 training had ik eigenlijk woorden moeten gebruiken uit de 2000 woorden lijst.

Elk nivo zijn eigen woordenschat Italiaans

Volgens wetenschappelijk onderzoek heb je ongeveer 1000 woorden nodig voor het kunnen behalen van een A1 nivo. 2000 voor A2, 4 à 5000 voor B1 en circa 7000 voor B2. Nou is het zo dat in het persoonlijke gebruik van een vocabulaire die eerste 2000 woorden voor iedereen vrij gelijk zijn. Iedereen gebruikt dagelijks de woorden voor ‘brood’, ‘auto’ of ‘onderwijs’.

Echter, hoe hoger het nivo dat je gaat spreken, hoe meer persoonlijk je woordenschat wordt, afhankelijk van de interesse van de spreker.

Kun je je redden met 5% van de woordenschat Italiaans van een Italiaan?

Als je bedenkt dat in de Treccani encyclopedie zo’n 427.000 woorden staan, dan zal niemand die allemaal kennen. De gemiddelde native speaker van het Nederlands kent zo’n 38.000 woorden, blijkt uit onderzoek van 1Vandaag. Omdat je in de meeste dagelijkse conversaties ook dezelfde woorden gebruikt, zou je logischerwijs je met 5% van de kennis van 38.000 woorden op 1900 woorden uitkomen, een A2 nivo waarmee je wellicht jezelf kunt redden in 90% van de dagelijkse communicatie. Dat wil zeggen, als je niet wil werken in Italie en niet vies bent van small talk en het geen probleem vindt om een connectie met mensen te voelen zonder taalkundig heel diepgaand te zijn.

Hoe beter je Italiaans, hoe minder vaak je dezelfde moeilijke woorden tegenkomt en dus hoe kleiner de kans dat je ze onthoudt

Het is heel lastig om als student Italiaans dat nivo van 38.000 te bereiken, ook omdat hoe verder je komt met je italiaans, hoe minder frequent die moeilijke woorden gebruikt worden en dus hoe kleiner de kans dat je die woorden gaat onthouden. Voor mij persoonlijk is een woord als ‘arricchire’ (verrijken) best een handig woord en dat is een woord dat eigenlijk nog vrij toegankelijk is voor iedereen. Maar hoe specialistischer je wordt in je kennis, hoe groter de kans dat een ander het woord uit jouw woordenschat niet kent. Ik heb bijvoorbeeld niet de woordenschat van een mycoloog, een paddenstoelenkenner.

Bij IQ testen vind je ook vaak vragen over je woordenschat. Een voorbeeld in het Nederlands zou kunnen zijn ‘clementie’: vergelding, eisen, straf of genade. Daarbij gaat het dus ook over subtiliteiten in het taalgebruik. Nuance en schakeringen. Mensen met wie je praat zullen jouw intelligentie ook beoordelen op je taalgebruik, zo gaat dat nu eenmaal.

Communiceren op A2/B1 nivo

Nou is er in Italië ook wel een trend om, zeker op het internet, wat eenvoudiger te willen schrijven ten behoeve van de toegankelijkheid van een tekst. In de praktijk hoeven heel veel mensen niet 38.000 woorden te kennen om goed te kunnen functioneren. Een basiskennis van het gebruik en de vervoegingen van werkwoorden (grammatica) is echter wel handig voor doelgericht communiceren, maar je kunt in Italie ook redelijk je weg vinden zonder de congiuntivo of de passato remoto van het B1 nivo en je kunt in plaats van ‘ampliare’ ook ‘aggrandire’ zeggen, en in plaats van ‘magno’ ook ‘grande’. Het kan leuk zijn als je op B2 nivo en verder komt eens te kijken naar de sinonimi van Treccani, maar of je het ‘nodig’ hebt is een heel persoonlijke afweging.

Persoonlijk denk ik dat veel mensen er bij zijn gebaat om zichzelf wel uit te dagen nieuwe woorden te leren, maar het is jammer als je gaat zwijgen omdat je het gevoel hebt dat je je niet kunt uitdrukken. Daarover schreef ik overigens dit artikel: Ik leer Italiaans, maar ik durf het niet te spreken.

Je kunt hier een leuke test vinden die je een aantal vragen laat maken waarna je een uitkomst krijgt van een schatting van je woordenschat.

Vraag je je af of je hulp nodig hebt bij je zelfstudie? Lees dan dit blog.

Zelfstudie: met of zonder begeleiding van een docent Italiaans in Schoonhoven?

Zelfstudie Italiaans - Begeleiding docent

Ben jij ook op je eigen manier bezig met het leren van het Italiaans? Doe je oefeningen op de gratis app duolingo en luister je naar Italiaanse muziek in de hoop er wat van op te steken? Dit kan zeker helpen. Het kan echter ook slim zijn om een docent Italiaans erbij te betrekken. Daarbij zijn er verschillende argumenten om dit wel of niet te doen.

Het kostenplaatje van hulp bij je zelfstudie Italiaans

De meeste docenten hebben aan hun lessen niet het prijskaartje van de Nonnen van Vught hangen en dat is ook helemaal niet nodig. Als jij dat geld wat je daar in een week uitgeeft in een jaar zou kunnen besteden aan wekelijkse lessen, waarbij je wekelijks zelf opdrachten thuis maakt, garandeer ik jou dat je vooruitgang een stuk hoger ligt dan wat jij in een week kunt leren bij de Nonnen van Vught. Anderzijds is het zo dat als je geen docent neemt, je jezelf die kosten kunt besparen. In dit blog lees je meer over hoe ik als docent tot mijn prijs kom.

Er zijn natuurlijk gratis manieren om Italiaans te leren. Online kun je wat oefeningen vinden, veelal hebben die betrekking op het beginnersnivo, hoewel er ook enkele aardige sites bestaan op A2 of B1 nivo. Vaak kun je dan je grammatica wat oefenen. Maar weet je de goede sites alleen te vinden en is dat genoeg? Misschien wil je een boek aanschaffen. Maar welk boek is verstandig? Is een grammatica oefenboek genoeg om een taal te leren? En heb jij voldoende skills om zelf efficiënt en eerlijk naar je progressie te kijken bij je zelfstudie?

Het aanhouden van een koers bij je zelfstudie Italiaans

Een docent kost geld, maar een afspraak 1x per maand kan je al een flink eind op weg helpen om het overzicht te behouden en je in de goede richting te laten werken. Een docent heeft vaak goed door wat je nodig hebt en waar je lancunes zitten. Ze weet welke grammatica je aangeboden moeten worden op welk moment en kan met jou werken aan je actieve vaardigheden zoals het corrigeren van schriftelijke opdrachten of je persoonlijke tips en feedback geven naar aanleiding van een mondelinge opdracht. Dat zijn eigenlijk dingen die onmogelijk te realiseren zijn bij zelfstudie van het Italiaans, zeker als je niet in een land woont waar de betreffende taal niet wordt gesproken.

Ze weet wat de vereisten zijn van examens en wat je moet doen om effectief te leren en dat dat een beetje moet schuren. Ze zal je uitdagen om jezelf te verbeteren en je dingen laten doen die je moeilijk vindt. Vaak is het moeilijk om zelf uit te zoeken hoe moeilijk opdrachten precies moeten zijn om de leercurve te maken die je graag wilt. Kies je zelf te gemakkelijke opdrachten binnen je comfortzone, dan ga je niet vooruit, maar kies je te moeilijke opdrachten voor jezelf dan raak je gedemotiveerd doordat je veel fouten maakt en daardoor ga je ook niet vooruit. Wat ook de vraag oproept: kun je je motivatie zelfstandig behouden?

Het behoud van je motivatie

Mensen werken graag met iemand anders samen die ze motiveert. In een privéles leer je iemand kennen en ontstaat er ook een persoonlijke relatie met een docent. In een les wordt gewerkt, maar meestal is het er ook fijn, doordat het gezellig is. Je praat ook over koetjes en kalfjes en over je interesses. Je zet graag je beste beentje voor om te laten merken dat je je best doet. Bij zelfstudie van het Italiaans zul je dit allemaal zelf moeten opbrengen en dat kan best lastig zijn!

Doordat een docent een voorbeeld geeft van hoe het leven zou kunnen zijn met een goede beheersing van het Italiaans is dit ook motiverend om door te blijven gaan. Een docent spreekt vloeiend en door de interactie in die taal weet jij weer waar je het voor doet. Ze kent de cultuur en kan teksten of video’s zoeken die aansluiten bij jouw interesses in de zone van naaste ontwikkeling.

Je maakt afspraken, voor de volgende week of de volgende maand en daar word je aan gehouden. Er wordt van jou verwacht dat je doorgaat en progressie maakt. Ook dat is een stok achter de deur die veel mensen goed doet.

Wat doe je in een online privéles Italiaans?

Hoe ziet een online les er uit?

Iedereen heeft wel eens in de klas gezeten. En met 20 andere leerlingen les gehad. Je gaat bij een taalles dan dikwijls oefenen in tweetallen of in groepjes. Maar er zijn vele redenen om privéles Italiaans te volgen. Maar wat doe je nu eigenlijk precies bij een online privéles Italiaans?

Het meest voor de hand liggende is om in dat online uur de dingen te doen die je niet thuis zelf kunt doen. Dat heeft een aantal gevolgen.

Wat thuis kan, gebeurt thuis

De grammatica oefeningen worden definitief verplaatst naar thuis, maar ook de grammatica instructie, die dikwijls te vervangen is met goede video’s die inmiddels beschikbaar zijn en met grammatica overzichten die je thuis kunt bestuderen. Nadat je dit thuis hebt gedaan, is er in de les ruimte om hierover vragen te stellen. Dit kan ook aanvullend via vragen via de mail.

Het lezen en de schrijfopdrachten worden ook verplaatst naar de thuisomgeving. De feedback vindt dan plaats tijdens de online bijeenkomst. Leerling en docent kunnen dan samen de fouten doornemen en de docent kan aan de hand van de fouten suggesties doen voor het opnieuw doornemen van bepaalde grammaticale onderdelen of voor het maken van extra oefeningen, die je dan weer thuis kunt maken.

Ook het bekijken van een film of korte video gebeurt thuis. In de les kun je er dan over in gesprek gaan.

Bij de online trainingen die ik maakte zitten nog woordenlijsten, zoals er ook woordenlijsten staan achter in de boeken van de methodes van de groepslessen. Ik ben er echter zelf sterk voorstander van dat mensen zelf lijsten aanleggen met woorden die voor hen relevant zijn, aan de hand van onbekende woorden die zij zelf tegenkomen in de lessen. Een app als Quizlet is hierbij een prima hulpmiddel.

Optimale spreek en luistertijd

Omdat voor jou de online les de enige gelegenheid om Italiaans te praten is, is het ideaal om jouw spreektijd te optimaliseren en je maximum gelegenheid te geven te laten praten. Dit is erg vermoeiend, maar wel heel leerzaam. Dikwijls zal je na een uur helemaal uitgeput zijn, omdat je continu bezig bent met nadenken. Tijdens de les probeert de docent om zoveel mogelijk Italiaans te praten. Ik schreef daarover dit artikel ‘Help de juf spreekt Italiaans‘. Omdat de les zo intens is, vind ik het daarom beter de lessen maximaal een uur te laten duren, en niet de anderhalf uur of twee uur die bij een groepsles gangbaar is.

Foto: Julia Cameron

Materiaalkeuze

Voor groepslessen bestaan vele methodes en boeken. Voor privélessen is de keuze beperkter, omdat de methodes inspelen op groepsactiviteiten. Daardoor kan beter gekozen worden voor boeken die op individueel nivo kunnen worden doorgewerkt thuis. Daarbij kun je denken aan:

  • Grammatica oefenboeken: papieren titels. Raad ik altijd aan om één te nemen. Er zijn ook online sites met oefeningen, maar dat levert dikwijls frustratie op bij studenten om vele redenen waar ik ooit ook nog een blog over zal schrijven. 🙂
  • Het boek Italiaans voor zelfstudie van Rosanna Colicchia, voor nivo A1 & A2 is iets meer dan grammatica. Er zitten ook korte tekstjes in en luisterfragmenten.
  • Leesboekjes op nivo, zoals bijvoorbeeld van ALMA (Letture facili), Edilingua (Italiano con fumetti) of door teksten met een beperkte woordenschat en eenvoudige zinsconstructies die door de docent zelf zijn geschreven.

De gereedschapskist van de docent

  • Liedjes en bijbehorende songteksten, luisterfragmenten, video’s op YouTube en podcasts.
  • Grammatica overzichten.
  • Creatieve schrijfopdrachten die aansluiten bij de interesses van de student

Terwijl in de groepslessen meestal duidelijk wordt vastgehouden aan de chronologie van een boek, is dit in privélessen wat meer divers en ad-hoc. Er wordt gewerkt op basis van actuele behoeftes, zodat de leerervaring beter aansluit bij wat op dat moment nodig is voor jouw vooruitgang.

Concreet betekent dit:

We bespreken eerst de moeilijkheden en de vragen die thuis zijn opgekomen bij het maken van het huiswerk en de docent geeft feedback op gemaakte opdrachten. Daarna ga je meestal in gesprek over iets, dikwijls iets wat je thuis hebt voorbereid. Tenslotte geeft de docent instructie voor de week daarop en geeft je via de mail je huiswerk voor de komende week.

Als een leerling het fijn vindt kan er worden gewerkt naar het afronden van een bepaald nivo en een certificering. Na een intake kan er in dat geval een plan worden gemaakt om daar naar toe te werken.

10 voordelen van privélessen Italiaans in Schoonhoven

Privélessen Italiaans

Jarenlang heb ik groepslessen Italiaans gegeven. Super gezellig, met tien man in een lokaal, samen dingen leren. Met elkaar zijn. Maar er zijn ook voordelen van privélessen Italiaans. Ik zet er 10 voor je op een rij.

1.. Er worden tegenwoordig allerlei online trainingen aangeboden, maar soms heb je een stok achter de deur nodig voor extra motivatie en controle. Een online cursus laat je soms teveel over aan jezelf over en aan je eigen vermogen om zelfstandig te zijn. Dit is gewoon heel moeilijk. Het contact met een docent kan motiverend werken door de vaste afspraken, het inzichtelijk maken van progressie en de menselijke interactie.

2. Je hoeft je niveau niet aan te passen aan het niveau van de groep. Doordat de lessen op maat zijn gemaakt, ben je altijd op het juiste niveau bezig. Hoewel mensen in een groep wel eens te langzaam of te snel gaan, zal dit bij privélessen niet gebeuren. Vind je het wel eens moeilijk om geduldig te zijn met een medecursist? Dan kan het tempo in de privéles iets omhoog! Je hebt ook geen wachttijd. Je bent de hele tijd in gesprek met de docent en je hoeft niet te wachten op anderen totdat zij de les snappen. Ook heb je meer spreektijd, dus meer effectieve tijd voor jou alleen om je Italiaans te oefenen. Doordat alle tijd en aandacht naar jou uitgaat kun je meer leren in een uur.

3. De docent kan onderwerpen kiezen om te behandelen die op jouw interesses zijn toegespitst. Houd je van voetbal? Dan kan de docent een artikel uitzoeken over Juventus. Interesseert de Italiaanse keuken je niks? Dan laten we die Caponata links liggen en doen we gewoon ananas op onze pizza. Bij individuele lessen is dit beter geregeld.

4. Je kunt alle vragen stellen die je wilt en je hoeft je niet beschaamd te voelen dat je alle aandacht naar je toe trekt. De docent is er immers voor jou alleen! Bij de groepslessen kan het wel eens gebeuren dat één leerling alle aandacht naar zich toetrekt. Dat kan vervelend zijn voor de rest van de groep. Maar bij privélessen is dit gedrag gewenst. 🙂

5. Bij individuele lessen kun je vaak beter een tijd kiezen die jou persoonlijk goed uitkomt. Een groepsles wordt vastgesteld door de docent en dan kun je of je kunt niet. Bij een individuele les kun je zelf de datum en tijd prikken. Ook leer je in een kortere tijd wat je moet leren. Waar je in een groepsles twee lessen voor uittrekt, kan dikwijls in één privéles worden behandeld, waardoor privé lessen dikwijls ook niet persé duurder zijn. Je kunt ook kiezen wanneer je wilt starten dus je hoeft niet te wachten tot het startmoment van een groepscursus. Kun je een week niet of ben je op vakantie, dan sla je makkelijker een weekje over.

Lomme met haar ouders in Ostia, Rome
Ostia, Roma. Foto: Lotje Lomme

6. Bij groepslessen oefen je met je medecursisten. Die weten het vaak ook niet perfect en maken fouten. Als je oefent met je docent word je altijd op de juiste manier gecorrigeerd.

7. Misschien heb je een bijzondere manier van leren die niet goed aansluit bij een groeples. Ik heb mensen gehad in de lessen met alternatieve cognitieve leerstijlen of bijzondere persoonlijkheden die in een groepsles gewoon minder goed uit de verf komen doordat ze de aansluiting een beetje missen met de rest en zich daardoor enerzijds geïsoleerd voelen en anderzijds niet het maximale uit zo’n les kunnen halen. Voor een docent is het soms lastig om alle verschillende leerstijlen te bedienen in een groepsles. Denk ook aan voorkeuren voor grammatica willen leren of juist conversatie willen doen. In een groepsles wordt alles gedaan, terwijl in een privé les de les op individuele leerstijlen beter aangepast kan worden.

8. De lessen kunnen online plaatsvinden dus u hoeft niet ver te reizen als u in een uithoek van het land woont. Ook handig als u minder mobiel bent en toch graag Italiaans wilt leren. U heeft alleen een internetverbinding nodig. Vaak is het voor docenten moeilijker om groepslessen op gevorderd niveau aan te bieden doordat er te weinig leerlingen zijn. Als je toch verder wilt en op gevorderd niveau Italiaans wilt leren spreken, kun je vaak alleen in de stad terecht voor groepslessen op gevorderd niveau. Ook hier bieden online lessen op afstand een uitkomst.

9. Veel mensen hebben angst om in een groep te spreken. Ik schreef daar dit artikel voor voor DitisItalie.nl. Het is wellicht makkelijker om alleen voor een docent te spreken. Het kan de onrust en spanning bij je wegnemen die je wel in een groep voelt, maar niet één op één.

10. Je kunt ook duolessen nemen met een vriend of familielid. Goed gezelschap gegarandeerd en ook motiverend om samen zo’n reis te ondernemen!

Overtuigd? Neem gerust eens contact met mij op voor een proefles!

Een bezoek aan IJsbuffet Schoonhoven voor Italiaans ijs

IJsbuffet Schoonhoven

When in Schoonhoven, do as the Italians. De ijssalon zit er al een jaar en ik was er al eens geweest, maar ik ging nog eens terug voor een nieuw ijsje met mijn dochter. Ze hebben veel verschillende smaken. Zo zag ik vandaag in de instagram stories een smaak met ricotta en vijg. Erg Italiaans. Sowieso is het aanbod erg goed en hebben ze ook leuke versierde chocolade hoorntjes.

Italiaans IJs in Schoonhoven met kaas

Fior di Latte ontbreekt nog. Die zie je vaak in Italiaanse ijssalons, maar dat doen ze in Italie ook op de pizza. Fior di latte is een soort mozzarella. Daar kun je ook ijs van maken, net als van ricotta. Ook vond mijn man de mardorla in Italie erg lekker, amandelijs. Zuppa Inglese, Panna Cotta, Baci, Cassata, Tiramisù of Zabaione (naar de Italiaanse desserts) zie je niet zo vaak in Nederland. In Nederland zou je een ijssmaak kunnen maken van rijstepap met bruine suiker. Ik vind stroopwafelijs ook een goede uitvinding.

Roberto gelato in Utrecht

Toen ik in Utrecht woonde ging ik ook wel eens naar Roberto Gelato in de WitteVrouwenbuurt in Utrecht. Daar konden de rijen heel lang wonen in de zomer. Die zaak is vermaard om zijn ijsproductie en Roberto zelf is er zo door gefascineerd dat hij ook ijs maakt van boerenkool met worst of bier. Leuk voor de grap, maar of dat nou echt lekker is?

Italiaans IJs in Schoonhoven: Vijf bolletjes

Een tijdje terug las ik een verhaal van een bipolaire moeder, Aefke ten Hagen, die als ze goed gaat haar kind een ijsje met vijf bolletjes geeft. Dat vond ik een mooi verhaal. Dan doe je het niet verkeerd als ouder.

Al eerder schreef ik over IJssalon Roberto in Oudewater, Scoop in Lopik en David’s Gelato in Gouda. Je zou een fietstocht kunnen maken en dan overal een ijsje kunnen eten.

Chemische kleuren

Smurfenijs is iets wat ik nog nooit in Italie heb gezien. Waar smurft dat eigenlijk naar? Toen we laatst in Puglia waren nam mijn dochter popcorn smaak bij Florien Caffe in Martina Franca. Daar zat ook blauw in. En roze. Blauw ijs voorziet kennelijk toch in een behoefte van mensen. Het ijsje in Schoonhoven kun je opeten op het bankje voor de ijssalon. Gezellig. Nu nog hopen op mooi weer! Dan staan er vast ook hier snel weer lange rijen.

Het IJsbuffet van Schoonhoven

Haven 4

2871 CM Schoonhoven

hetijsbuffetvanschoonhoven.nl

Meer lezen over ijs in de regio? Ik was al eerder bij Scoop in Lopik, David’s gelato in Gouda en Roberto in Oudewater

10 x een mooi Italiaans cadeau

Sinterklaas is alweer geweest, maar de kerstdagen staan nog voor de deur. Misschien weet je niet zo goed wat je moet vragen als kadootje (zelf denk ik altijd: nog meer clutter in my house, please…) maar toch doe ik hier enkele tips aan de hand die leuk zijn om kado te geven aan iemand die Italiaans studeert. Stuur de link dus naar je familieleden, degene die je mysterieus aankeek toen de lootjes werden getrokken, je dochter, je collega, wie dan ook. Hier komen ze: 10 x een Italiaans cadeau om te geven met de feestdagen

Italiaans cadeau 1

Italiaanse koelkastmagneetjes. Leuk voor op de koelkast of voor op het toilet (het moet wel een magnetische ondergrond zijn). Prijs: 22 dollar.

Italiaans cadeau 2

Een boekje met taalpuzzels van Intertaal. Prijs : 9,71

Italiaans cadeau 3

Een Italiaans taalkwartet. Prijs : 9,95 Vooral leuk voor de beginner.

#Italiaans cadeau 4:

Een handig hulpboek grammatica voor beginners en gevorderden. Zoals van Susanna Nocchi.

Italiaans cadeau 5:

Maak zelf bij een webdrukkerij dit t-shirt met deze tekst voor circa 20 euro. Het spoort Italianen aan om geen Engels met de student te spreken, maar Italiaans. Let op dat de accenten en komma’s goed staan.

Italiaans leren t-shirt vrouwen

Italiaans cadeau 6

Bestel een Italiaans delicatessenpakket bij bijvoorbeeld Pasta e Più uit Asten of La Fermata uit Woerden.

7

Bestel een Italiaanse roman DVD of CD bij een webwinkel. Bel mij gerust voor tips of overleg wat betreft smaakvoorkeur.

Italiaanse films Schoonhoven
Italiaanse films op DVD. Foto: Lotje Lomme

8.

Koop een Italiaans leesboekje op nivo. Mail mij gerust om te vragen op welk nivo de student zit en welk boekje geschikt zou zijn. Prijs: 10,20

9

Tegoed op Google Play zodat de student de Prisma of van Dale woordenboek app kan downloaden. Prijs: 8,99

10

Een artikel uit de Italiaanse vintagewinkel Little Rome . Ik kreeg van Odette en Domenico ooit dit Italiaanse bord kado, leuk voor mijn Italiaanse culinaire uitstapjes. Ze hebben mooie artikelen vanaf kleine prijsjes.

Als toegift nog de allerbeste cadeautip: Een % korting bij aankoop van een cursus Italiaans bij mijn taalschool. Je kunt mij mailen, dan weet ik ervan en dan stuur ik je een mooie kortingsbon op van mijn school op die je kunt geven.

De Griekse cultuur in Zuid-Italie: Magna Graecia

Italianen hebben een fascinatie voor de Griekse cultuur. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de grote departementen Griekse geschiedenis in de Italiaanse faculteiten of uit het succes van de boeken van Andrea Marcolongo. In dit blog wil ik jullie iets vertellen over de Griekse historie van verschillende Zuid Italiaanse steden. En over de Griekse cultuur in Zuid-Italie.

In de 8e eeuw v. Chr. stichten Griekse kolonisten in Zuid-Italie en Sicilie hun steden, lang voordat Rome een groot wereldrijk was. Griekse volkeren van verschillende oorsprong verlieten hun moederland, vaak vanwege schaarste en overbevolking. Zij raadpleegden een orakel over de locatie van de toekomstige kolonie en gingen op weg. De Griekse gekoloniseerde steden in Zuid-Italie vormen samen Magna Graecia, Groot Griekenland.

In de geschiedenis van deze Griekse kolonies speelt de oorsprong van de stichters een grote rol in de politieke ontwikkelingen en concurrentie tussen de steden. Doriërs, Achaeërs en Ioniërs waren het die wedijverden. Eerst om het gebied te koloniseren en later om de macht te krijgen in de regio. Deze Griekse etnische stammen concurreerden met elkaar in Griekenland, dus het is niet raar dat zij hun conflicten meenamen overzees in Zuid-Italie.

Afbeelding uit de Atlante storico mondiale / Touring Club Italiano uit 2001

De Griekse cultuur in Zuid-Italië

De kolonisten lieten hun vrouw en kinderen achter in het thuisland en het is waarschijnlijk dat ze dus aanpapten met lokale vrouwen in Italië. Het is ook waarschijnlijk dat de kolonisten de outcast waren van hun Griekse moederstad. Wellicht vertrokken ook criminelen of politieke bannelingen om kolonies te stichten in Italië. Eenmaal aangekomen in Italië poogden de kolonisten ook al snel het Italiaanse achterland achter de kolonie te veroveren en te integreren. Net zoals de emigranten die in de 19e eeuw naar Amerika vertrokken, moet Magna Graecia een land van beloften en mogelijkheden zijn geweest. De steden kenden verschillende bestuursvormen. De Dorische steden ontwikkelden al snel tirannieke vormen van bestuur. Zoals we die ook kennen van haar meest bekende stad Sparta. De Ionische en Aecheïsche steden ontwikkelden semidemocratieën. Een voorbeeld daarvan zijn de ‘chìlioi’ de duizend mannen die de bevolking vertegenwoordigden in Reggio, in de punt van de Italiaanse laars. Daarnaast bestond er vaak in hun steden een raad van ouderen die de magistraat die het dagelijkse bestuur vormde, moest adviseren.

Doriers in Puglia en Calabrie: Taranto en Reggio

Reggio en Taranto hebben een Dorische oorsprong. De Doriërs waren een etnische groep waartoe in Griekenland de Spartanen behoorden. Reggio, het uiterste westen van Italië, ligt tegenover Zancle (nu Messina) op Sicilië. Volgens Strabo, een Griekse schrijver die leefde ten tijde van keizer Augustus, stichtten Messeense bannelingen Reggio. De Spartanen voerden in de 8e, 7e en 5e eeuw voor Chr. oorlog met het hen omliggende gebied (Messenië) waarbij ze de overwonnen volkeren tot slaaf maakten. Reggio zou rond 750 v. Chr. zijn gesticht door deze slaven. Voor de Italiaanse stad Reggio is dit de oorsprong van hun stad.

Dezelfde schrijver Strabo heeft twee hypotheses over de stichting van het Pugliese Taranto, in de hak van de laars die allebei te maken hebben met de identiteit van de Partenen in de dorische cultuur. Volgense een eerste hypothese waren de Partenen de Spartanen die weigerden deel te nemen aan de Messenische oorlogen zelf tot slaaf gemaakt. Deze Partenen organiseerden een opstand tegen de Spartaanse burgers en hun leider Falanto ging naar Delphi om het orakel raad te vragen over de locatie van een te stichten kolonie. Dit werd Taranto.              

Volgens het 2e verhaal gingen de Spartanen op oorlogspad in Messenië en bleven hun vrouwen alleen achter. Uit bezorgdheid over de krimp van de natuurlijke aanwas van de Spartanen door de afwezigheid van de mannen, vroegen de Spartaanse vrouwen hun mannen om raad. Deze stuurden de jongste mannen uit het leger naar huis om de maagden te bevruchten. Het andere verhaal is dus dat de kinderen die hieruit voortkwamen Partenen zijn genoemd. Toen de Spartanen echter terugkwamen van de oorlog weigerden ze aan deze jongeren dezelfde rechten als zijzelf hadden toe te kennen. De oudste Spartanen haalde de nieuwe generatie over te vertrekken en elders een kolonie te stichten. Dat zou ook het stichtingsverhaal van Taranto kunnen zijn. Bij mythologische verhalen geld vaak: het een hoeft het ander niet uit te sluiten!

Griekse steden in Zuid – Italie. Een kaart van Magna Graecia. Afbeelding uit de Atlante Storico Mondiale / Touring Club Italiano uit 2001

Acheeers in Calabria en Campania: Sibari, Poseidonia en Crotone

Sibari, Poseidonia en Crotone waren Achaeïsche kolonies in Magna Graecia. De Acheeërs waren een andere etnische groep uit de Peloponnesos, de Griekse stad Korinthe behoorde tot dit gebied. Sibari zou een aanzienlijke macht en territorium verwerven in de 6e eeuw v. Chr. zo vertellen de historici Diodorus Siculus en Strabo. Ze vertellen over de overheersing over 4 volkeren en 25 steden. De welvaart was dusdanig, dat de schrijvers meenden dat de inwoners van Sibari leden aan hybris (overmoed) en tryphé (ze waren verwend en zwak door luxe) door alle overvloed. Deze eigenschappen vond men verwerpelijk in de oudheid.

Sibari stichtte op haar beurt rond 600 v. Chr. weer Poseidonia, wat in de Romeinse tijd Paestum ging heten. Dit stadje ligt ongeveer 85 km ten zuiden van Napels. Deze plek is archeologisch gezien goed bewaard gebleven en is nu een Unesco wereld erfgoed site waar o.a. nog een tempel voor Hera, Athene en voor Poseidon staat. In het bijbehorende park kun je tegenwoordig vaak muzikale avonden bijwonen, of een Grieks theaterspel meemaken. Ook daar schreef ik een blog over voor Italie Uitgelicht. Deze stad werd welvarend doordat het handelde met Etrusken en Romeinen. Toch zijn het wellicht ook de hybris en tryphe die mede verantwoordelijk zijn voor de verwoesting van de Sibari in 510 v. Chr.  

Als Sibari de stad was van luxe, overvloed en decadentie dan was Crotone de stad van de moraal en de deugd. De filosoof Pythagoras verbleef er lange tijd en had een blijvende invloed op het stadje. Met hem ontstond er een cultuur van areté (deugd). Gelijkheid, ambitie, ascetisme en samenleven waren erg belangrijk in dit gedachtegoed.

Ioniers in Campania: Pithekoussai en Cumae

Ioniërs zijn de 3e etnische groep Grieken, die uit Athene, Euboa of West-Turkije kwamen. Zij zorgden voor de eerste Griekse kolonie in Italië door Pithekoussai te stichten rond 770 v. Chr., in de buurt van Napels.

Ioniërs uit Euboa stichtten ook Cumae rond 740 v. Chr. Deze stad was de sterkste macht op zee in de Golf van Napels. Cumae had altijd nauwe banden met Capua, een Etruskische stad iets noordelijker. Dit deden ze vooral uit commercieel oogpunt. De Etrusken waren ook hun rivalen in de handel. Onder de tiran Aristodemus van Cumae beslaat Cumae dan een uitgebreid territorium. De laatste koning van Rome zoekt er bescherming als hij wordt verjaagd na het incident met Lucretia. In 474 v. Chr. verslaat Cumae de Etrusken ter zee. Vanuit Cumae werden ook Zancle (later Messina) en in 480 Neapolis, het latere Napels gesticht.

De Peloponnesische oorlog tussen Sparta en Athene & Zuid-Italie

Op het einde van de 5e eeuw heeft Athene zich veel bemoeid in de Siciliaanse zaken. In Griekenland was een felle machtsstrijd ontstaan tussen Doriërs en Ioniërs, Spartanen en Atheners. In dat kader hebben beide partijen claims gedaan die hun eigen invloedssfeer moest vergroten. Zo had Athene het in haar hoofd gehaald dat Sibari, oorspronkelijk door Achaeërs gesticht, door de Ioniërs ‘hersticht’ moest worden na haar vernietiging. Athene zag zichzelf als de legitieme opvolger van de verloren macht van Sibari. De oude inwoners van Sibari vragen zich echter af wat ze met deze nieuwe moeder moeten. Ze vragen het orakel in Delphi om raad. Het orakel bevestigt dat de Sibarieten geen enkele verplichting kennen naar de Atheners. De Atheense generaal en politicus Alcibiades probeert ook de volksvergadering in Athene ervan te overtuigen het Atheense rijk te vergroten met gebieden overzees. Athene leed echter een desastreuze nederlaag die haar verlies in Griekenland ook zou versnellen. De enige bondgenoot van Athene in Sicilië was Reggio. Taranto en Syracuse besloten samen tegen het Atheense imperialisme op te trekken. Athene en de Ioniers waren kansloos.

Historische figuren

Voor Italie Uitgelicht schreef ik een blog over de bekende Griek Dionysius. In de link kun je lezen welke historische figuren uit deze Griekse tijd belangrijk zijn geweest voor de Siciliaanse stad Syracuse.

Een ander belangrijk figuur was Archita voor de stad Taranto. In Magna Graecia was in het Oosten Taranto de grootste stadstaat in de 4e eeuw. In Delphi zijn bij het orakel van Apollo inscripties gevonden van de Tarantini. Zij bedankten de god voor hun overwinning tegen de inheemse volkeren in Puglia: de Messapi, Iapigi en Peucetiërs. De Tarantini behoorden tot de Doriërs en dus ook tot de overwinnaars van de Peloponnesische oorlog. Archita was cultureel enorm ontwikkeld. Bevriend met Plato en onderwezen door pythagoristen, filosofen. Ook had hij een leidende politieke rol als ‘strategos’. Dat was een soort eerste man. Tevens was hij een wetenschapper die schreef over wiskunde en astronomie. Met de tiran van Syracuse Dionysos II van Sicilie onderhield Archita goede relaties.

Bij conflicten in Zuid-Italie wordt echter de militaire hulp ingeroepen van fellow-Doriers uit Griekenland. Zo gaan de doriers uit Zuid-Italie ook hulp vragen aan koning Pyrrhus van Epirus. Hij moet hen gaan helpen tegen de Romeinen als deze steeds groter en sterker worden. In eerste instantie is Pyrrhus erg succesvol, maar in 275 v. Chr. verslaan de Romeinen hem bij Beneventum. Kort daarvoor had hij nog een overwinning geboekt. Dat had hem zoveel verliezen gekost, dat van een overwinning eigenlijk niet echt meer sprake was. Sindsdien noemen we een dergelijke overwinning een Pyrrusoverwinning.

Einde van Magna Graecia, maar niet het einde van de Griekse cultuur

De Romeinen verslaan uiteindelijk de Grieken van Magna Graecia. Zij moesten een militaire bijdrage gaan leveren aan het Romeinse leger. De Tarantijnse schrijver Livius Andronicus vertaalt voor de Romeinen dan de Odyssee. De Romeinen (en dus de Italianen) hebben veel Griekse culturele elementen overgenomen in hun cultuur. De Griekse cultuur in Zuid-Italië is nog op veel plekken te zien. Zo wordt er op sommige plekken op Sicilie en in Reggio nog Grieks gesproken, kun je de Griekse tempels nog bezoeken en zijn olijven, amandelen en honing onderdeel geworden van de Siciliaanse keuken. Zo zijn de woorden grammatica (γραμματική) en retorica ( ῥητορική) ook van Griekse oorsprong!

Wil je meer weten over hoe Italië er uit zag voor de komst van de Romeinen? Lees dan ook dit blog van mij over Sicanen en Siculen, de oudste bewoners van Sicilie op Italie Uitgelicht.

Dag van de leraar – How to fail…

Misschien kennen jullie de podcast wel van Elizabeth Day? Het programma How to fail nodigt allerlei gasten uit om hun grootste fouten en mislukkingen te bespreken. Horen dat iedereen met fouten en mislukkingen zit vind ik erg geruststellend in deze part time virtuele wereld waar je leven toch vooral mooi en succesvol moet zijn. En hoe je van mislukkingen op deze manier iets positiefs en menselijks maakt. Hoe kun je leren van je fouten als docent?

Ik voel me vaak onzeker over het lesgeven. Er is namelijk altijd wel iets wat beter had gekund. Er is geen perfectie te bereiken, daarvoor zijn de omstandigheden te variabel. Het succes van mijn les hangt van veel dingen af die buiten mijn macht liggen. Of een leerling er bij is met zijn hoofd, of het smartboard het doet, of het huiswerk is gemaakt, om maar wat te noemen.

Daarnaast zijn er veel dingen die goed werken in onderwijsland en moet je het juiste geneesmiddel uit de kast halen bij elke afzonderlijke kwaal. Er zijn veel hypes: formatief evalueren, activerende didactiek, een accent op conversatie en vaardigheden; ga zo maar door. Op het moment dat je met het ene bezig bent, is er geen tijd voor dat andere. Competenties probeer ik te wisselen in leerlijnen en te spreiden over een cursus maar dat blijft ook lastig. Daarnaast zul je bij elke strategie die je kiest deze moeten herhalen om uberhaupt effectief te kunnen zijn.

Ik maak(te) dus fouten. Dat is niet te voorkomen. Wat zijn mijn errori più grandi che ho fatto? Wat zijn mijn grootste fouten?

Verkeerde focus

Ik heb als docent zes jaar gedacht dat als ik maar veel wist dat ik dan ook wel goed kon lesgeven. Als ik moest lesgeven over een periode in de geschiedenis waar ik niet veel van wist ging ik er meer over lezen. Als ik moest lesgeven over een taalkundig onderwerp waar ik zelf intuitief mee omging ging ik alle uitzonderingen nog eens nalezen en opzoeken. Dat heeft me zeker wel veel opgeleverd, ik heb echt wel vakkennis. Of ik het echter ook kon overdragen is maar de vraag. In 2016 kreeg ik eens de feedback van een leerling: ‘Je bent erg aardig, maar lesgeven kun je niet‘. Dan kun je 20 positieve reviews hebben, maar die ene blijft hangen.

Sinds ik me heb verdiept in didactiek voel ik me echter veel zekerder voor de klas. Ik kan nadenken over hoe mijn boodschap aankomt en doordat ik zie dat dat gebeurt, kan ik ook meer aandacht geven aan de inhoud. De effectiviteit van mijn lessen lijkt evenveel te maken te hebben met didactiek dan met mijn vakkennis, durf ik nu wel te zeggen.

Leren van je fouten: te hoge verwachtingen

Bij het lesgeven had ik te hoge verwachtingen over wat mensen zouden moeten bereiken. Dat werkt niet goed, want ik merkte al snel dat ik mijn frustraties bij de studenten legde, terwijl die echt wel hun best deden. Dan word je een boze juf en toen ik dat bij mezelf merkte dacht ik: dit kan niet de bedoeling zijn. Je moet je werk met plezier doen, dus kennelijk doe je dan iets verkeerd.

Bij volwassenen ging ik te snel door de stof heen. Ik nam mezelf en mijn leerproces bij de universiteit aan als maat. Mijn studenten zijn echter hobbyisten die er, meestal, op een heel andere manier in staan. In 7 maanden op nivo A1 uitkomen leek mij wenselijk. Ik gaf 20 oefeningen in de week op en circa 40 woorden om te leren. Tegenwoordig doe ik dat niet meer en trek ik er 1,5 jaar voor uit. Bij de kinderen op de basisschool heb ik een half uur in de week. De kennismaking met een andere taal en cultuur en het aanleren van studievaardigheden zijn daar belangrijker dan dat ze daadwerkelijk Italiaans kunnen spreken na een jaar. Dat is een illusie dat dat zou kunnen.

Leren van je fouten: studenten in het diepe gooien

Toen ik in 2017 begon me in lichte mate te interesseren voor didactiek was mijn eerste interesse de methode van doeltaal – voertaal. Ik dacht: dat moet ik doen. Ik realiseerde me niet dat er allemaal haken en ogen aan een methode zitten en dat je, juist als je kiest voor één specifieke methode, je er allerlei dingen om heen moet aanpassen. De randvoorwaarden moeten goed zijn en je moet een methode invullen en kleur geven. Langzamer praten, veel woorden vertalen en opschrijven en proberen aan een functionele woordenschat te werken. Ik gebruikte een compleet Italiaanse methode ook voor de beginners waarbij alle instructies in het Italiaans waren. Alleen doeltaal – voertaal is niet genoeg en kan zelfs averechts werken. Daar kwam ik dat jaar achter.

In 2018 had ik me een beetje verdiept in formatief evalueren. Ook dat vond ik wel interessant, maar een onderwijshype is zoveel meer dan alleen een slogan aanhangen. Ik gooide studenten in het diepe, riep dat ze dingen zelf moesten uitzoeken en nam ze niet bij de hand in hun leerproces. Achteraf zag ik dat ook hierdoor leerlingen afhaakten. Ze voelden zich niet competent. Ze zagen een eindresultaat maar wisten niet hoe ze de weg er naar toe konden bewandelen. Die zelfstandigheid van leerlingen en het idee dat ze zelf weten wat ze nodig hebben, daar is heel veel begeleiding bij nodig. Ook hier was het zo dat alleen het aanhangen van een filosofie averechts werkt. Ik verdiepte me onvoldoende in het begeleiden van leerlingen bij hun studievoortgang.

Hoe verder? Leren van je fouten als docent

Het gebeurt me nog steeds af en toe, dat ik niet helder voor ogen heb wat studenten moeten leren, welke stappen ze moeten maken en dat je daardoor te snel gaat. Dit jaar deed ik een Italiaanse cursus didactiek, plus het DITALS examen en heb ik twee goede Nederlandse boeken gelezen met bewezen praktische technieken over effectief onderwijs. Op schouders van reuzen en Wijze lessen – twaalf bouwstenen voor effectieve didactiek. In Rotterdam ga ik een cursus doen tot professioneel taaltrainer. Ik ben in ieder geval afgestapt van het idee dat één filosofie zaligmakend is en dat je er snel mee kunt scoren. Eén methode er koste wat kost door heen te duwen, dat doe ik niet meer. Ik probeer als docent kleine stapjes te maken in concrete didactische vaardigheden.

Wel heb ik weer een nieuw onderwijskundig experimentje opgezet (experimenteren zit ook wel een beetje in mijn aard). Dit jaar werken we met een studentenportaal en de beginnerscursus heeft de mogelijkheid hun oefeningen digitaal te maken. Daarnaast werken de leerlingen aan hun woordenschat door middel van de app Quizlet. Op het moment ben ik dus wel een beetje een Steve Jobs school. We zullen zien hoe dat uitpakt en waar ik volgend jaar weer afstand van ga doen omdat het toch niet veel toevoegt. Vanochtend las ik in het boek ‘Op schouders van reuzen’ dat techniek niet persé tot betere resultaten leidt, het is de manier waarop de leraar de techniek inzet en leerlingen begeleidt dat bepaalt of radio, tv of computer effectief zijn. Daar zal ik dus goed naar moeten kijken.

Ik ben minder onzeker geworden over mijn manier van lesgeven en gun het mezelf meer dat ik ook mag leren. Dat is fijner lesgeven. Dat je 38 moet zijn om daar achter te komen, tja dat is dan kennelijk zo.

Review Italiaans boek ‘De heldenmaat’ van Andrea Marcolongo

Italianen houden van oude dingen. Waarschijnlijk omdat ze in een oud land wonen met een rijke geschiedenis waar de verhalen overal op de loer liggen. Ze leren op hun scholen dat ze Romeinen waren, vroeger. In Nederland leer je ook over de Romeinen, maar we maken ons de cultuur van de Romeinen maar zelden zo eigen als dat de Italiaan dat kan. De Romeinen zijn dan ook vaak bekend met de Griekse mythologische verhalen, het onderwerp van dit boek van Marcolongo.

De functies van mythologie

Een veelgebruikte, maar achterhaalde functie van mythologie is die van het uitleggen van de oorsprong van dingen. Zoals Stephen Frye het zegt in zijn inleiding van zijn boek ‘mythos’: ‘Early human beings the world over wondered at the sources of power that fuelled volcanoes, thunderstorms, tidal waves and earthquakes. They celebrated and venerated the rhythm of the seasons, the procession of the heavenly bodies in the night sky and the daily miracle of the sunrise’ Op veel plekken in Italie zijn er dan ook plekken in de natuur waar mensen mythologische verhalen bij beschrijven. Het meest bekende voorbeeld is de poort van Gibraltar die in de oudheid bekend stond als ‘de zuilen van Hercules’. Vanaf een afstand lijken de twee bergen die het Europese en Afrikaanse continent met elkaar verbinden net twee zuilen.

Daarna gingen mensen mythologie gebruiken als historische verklaring (toen de geschiedwetenschap nog in de kinderschoenen stond) en om sociale verhoudingen uit te leggen. Die historische functie van mythologie is nog steeds belangrijk, maar er zijn wel heel veel kanttekeningen bij geplaatst. Dit boekje van oud-historicus Lendering maakt dat goed duidelijk. Toch is het gebruik van mythologie als historisch verklaringsmodel nog wijdverbreid, zeker in de populaire cultuur.

Menselijke waarden en psychologische inzichten

Een blauwe maandag studeerde ik cultuurgeschiedenis in Maastricht. Maastricht voelt een beetje als buitenland en daar beschouwden ze de Griekse tragedies vanuit het literaire, filosofische of psychologische oogpunt. Wat zegt mythologie ons over de menselijke conditie? Wat zegt het over mensen? Het eerste vak dat ik daar volgde heette ‘Apollo en Dionysius’. Die titel kwam van Nietzsche’s theorie over het dualisme tussen droom en harmonie (Apollo) enerzijds en de roes en de chaos (Dionysius) anderzijds. Nietzsche was classicus en schreef dit in zijn eerste grote artikel ‘De geboorte van de tragedie’. De tegenstelling van Nietzsche is een filosofische manier om de wereld te zien.

Bij de cursus in Maastricht keken we ook naar het dilemma van Antigone. Haar broer Polyneikes werd door velen gezien als landverrader en na zijn dood gunden sommigen hem geen waardige begrafenis. Haar dilemma was: kies je voor de waarden van de gemeenschap of die van jezelf? Kies je voor goddelijke wetten of menselijke wetten? Dat is een universeel dilemma dat door de tijd heen niet aan actualiteit heeft ingeboet. Als puber koos ik voor goddelijke wetten, maar in mijn volwassenwording ben ik steeds meer gaan kiezen voor menselijke wetten.

De mythologie is vaak tragisch. Een andere functie die de mythologie is toebedeeld is die van katharsis. Door het lezen van literatuur of zien van theater onderga je loutering. Gevoelens van een toeschouwer of lezer worden gezuiverd door het meebeleven in de emoties van een hoofdrolspeler uit een boek of toneelstuk. Zo ging ik een paar jaar geleden naar een uitvoering van de tragedie ‘Medea’ waarin je wordt meegevoerd in de gedachtenwereld van iemand die iets vreselijks begaat. Het kunnen begrijpen van zoiets, zonder het zelf écht te hoeven ondergaan is louterend.

Het gebruik van mythologie voor het verwerven van psychologische inzichten, dat doet ook dit boek van Marcolongo.

Communicatie adviseur

Marcolongo werkte als communicatieadviseur voor bedrijven en politici zoals Matteo Renzi. Zij leren: ‘hoe kan ik een positieve draai geven aan een impopulaire maatregel?’ Zij helpen politici geen boosheid te etaleren, maar alleen een verstandige berekenende strategie om hun doel te bereiken. Over communicatie adviezen zal in de oudheid ook gesproken zijn. Zo zijn monumenten en munten bekeken in het licht van de propaganda en zijn antieke schrijvers bestempeld als ‘panegyrici‘. Dat communicatieadviseurs van politici ook afgestudeerde Griekse letterkundigen kunnen zijn, verbaasde mij niet.

De moed om lief te hebben

De schrijfster vertelt het verhaal van de Argonauten. Een Grieks mythologisch verhaal dat ze verweeft met haar pleidooi voor een écht leven, tegen een risicomijdend bestaan vol appjes en zonder echt contact. Dat vind ik echt typerend voor een zelfhulpboek, deze gedachte dat mensen zoveel in een sleur zitten waar ze uit gehaald dienen te worden om écht te leven of lief te hebben.

Mijn vader zei altijd dat je je talenten moet benutten en iets voor anderen moet betekenen die minder geluk hebben dan jij. Ik vraag me wel af wat dat is, écht leven. Zelf ben ik dol op mijn sleur en houd ik er echt niet van als ik er uit wordt gehaald. In mijn sleur functioneer ik op mijn best. Als ik niet hoef te denken aan allerlei overlevingsmechanismen dan kan ik namelijk denken aan oplossingen voor kleine concrete problemen die ik wél op kan lossen en kan ook ik, als intuïtief en gevoelsmatig mens, mijn pragmatische en rationele kwaliteiten ontwikkelen en daadwerkelijk iets betekenen voor anderen.

Woorden

Wat wel heel waardevol is in dit boek is de manier waarop de schrijfster ons de cultuur van de Grieken laat zien achter de woorden zoals vertrouwen, vergeten, herinnering, lot, gastvrijheid. Woorden hebben zich ontwikkeld in de loop van de tijd en vaak zijn we verwijderd van de betekenis van een woord zoals de Grieken het begrepen. Ik moest daarbij denken aan dit artikel dat ik las van Anna Kaal over hoe de connotatie van woorden uit een vreemde taal een rol zouden kunnen en moeten spelen in het Vreemde Talenonderwijs. Een kennismaking met een nieuw woord is verfrissend en geestverruimend, als je dat kunt overdragen als schrijfster of docent ben je goed bezig.

Het beste van jezelf voor jezelf

Een citaat uit Marcologo’s boek: “het instinct om te veranderen, de kracht om te kiezen, de moed om lief te hebben, de eer om trouw te zijn, bovenal aan zichzelf, het vermogen om over zichzelf te praten: dat zijn de elementen die mensen uit alle tijden in staat stellen en vol en waardig leven te leiden”(p.29).

Niemand bezit natuurlijk al die kwaliteiten. Ik weet in ieder geval van mijn vrienden en van mijzelf dat wij op heel veel momenten denk ‘dit is echt vervelend, maar ik weet niet hoe het komt en hoe ik het op moet lossen maar ik ga maar door’. De succesvolle mensen, onze hedendaagse helden (Ik denk aan de Obama’s, Malala, Greta Thunberg) kunnen echte problemen identificeren en zichtbaar maken, maar voor veel mensen is dat niet weggelegd. Die ploeteren maar in een dagelijks bestaan, worstelen met scheidingen, overlijden van dierbaren, ziektes en pijn. Om het nog maar niet te hebben over fietsen in de regen, te vroeg opstaan, het brood dat op is en dat je moet halen bij de supermarkt en je schoen waar een gat in zit en waardoor je nu natte sokken hebt. Marcolongo zelf is trots dat ze ook haar keuze heeft gemaakt tegen die sleur en ze vertelt over haar keus om te schrijven, het resultaat is dan dit boek zelf. Maar met die keuze zal ze nog steeds appjes moeten sturen (geen écht contact) en sokken moeten wassen.

De onderliggende vraag van dit boek is echter relevant : Hoe wil ik nu en kan ik nu mijn leven inrichten dat ik er optimaal gebruik van maak? Die vraag blijft interessant om te blijven stellen. Zo ben ik zelf al een half jaar aan het twijfelen of ik nu moet starten met een opleiding tot NT2 docent, omdat ik denk dat het kunnen helpen van immigranten bij hun integratie in Nederland me heel waardevol lijkt en omdat ik denk dat ik dat goed zou kunnen. Maar de stap zelf zetten is moeilijk.

‘Gelukkig zijn is dus niet hetzelfde als geen problemen of tegenslagen hebben en leven in een ongestoorde rusttoestand….het is de energie om te handelen, de vreugde om te doen, de zin om te veranderen – om vruchtbaar te zijn, om de bloemen die we zijn te zien uitkomen. En ongelukkig zijn is daar het tegenovergestelde van: het onvermogen om te bewegen, om zware gedachten van je af te schudden, de onmogelijkheid om ook maar een stap verder te zetten’ (blz. 38)

Andrea Marcolongo

De heldenmaat De mythe van de Argonauten en de moed om lief te hebben

Wereldbibliotheek Amsterdam 2019

Vertaling: Miriam Bunnik en Mara Schepers

22,99 euro.

Taalspelletjes voor in de Italiaanse les

Taalspelletjes Italiaans

Spelenderwijs leren is iets dat volgens de wetenschap erg goed is om te doen. Mensen zijn met plezier iets aan het doen en vergeten obstakels. Het leren gaat als het ware vanzelf. In dit blog geef ik een overzicht van Italiaanse taalspelletjes, ik hoop dat jij als juf of meester er je voordeel mee kunt doen. Soms heb je tijd over in de les en denk je: hoe ga ik deze tijd effectief vullen? Een spelletje is dan een leuk idee. Andere keren is het leuk om een hele les aan een spel te besteden.

Bestaande italiaanse taalspelletjes

In de les gebruik ik wel eens het kwartet van scalaleukerleren.nl. Dit is een leuk taalkwartet voor beginners of voor mensen die een vakantiecursus doen. Zorg er wel voor dat je mensen niet teveel kaarten geeft, want heel veel ruimte in het hoofd van de student gaat bij dit spel naar de Italiaanse taal in plaats van naar de strategie en het winnen van het spel.

Wat niet echt een spel is, maar wat je wel kunt gebruiken als spel zijn koelkast – poezie magneetjes in het Italiaans. Ik kocht mijn koelkastmagneetjes bij www.magneticpoetry.com. Leerlingen maken dan spelenderwijs kennis met zinsopbouw en grammatica.

Bij Intertaal is een puzzelboek verschenen met taalpuzzels voor studenten Italiaans. Een leuk boekje met puzzels op diverse nivo’s. Je kunt het boek bestellen bij Intertaal.

Ook leuk (voor kinderen en volwassenen) is de spellendoos van Edilingua. Hier zit een boekje in met allerlei spelletjes, twee spelborden, pionnen en heel veel kaartjes waar je ook weer allemaal verschillende spelletjes kunt doen, waarvan memory natuurlijk het meest voor de hand liggende spelletje is.

Tombola: bingo is altijd leuk om de cijfers mee te oefenen. Een leerling vond een keer een spel voor mij bij de kringloopwinkel.

Pim Pam Pet, Boggle, Scrabble: allemaal spellen die je ook in het Italiaans kunt doen.

Italiaanse taalspelletjes op de computer

Op Socrative heb ik een leuke culturele quiz gemaakt. Leerlingen hebben daarvoor de app socrative student nodig op hun telefoon. Je bent hier wel een hele les mee bezig.

Heel leuk is Quizlet. Een app om je woordjes mee te oefenen. Spelenderwijs zijn er diverse manieren om je woorden te oefenen. Je kunt woorden bij elkaar zoeken (Nederlands en Italiaans) of het woord uitgesproken horen en het vervolgens moeten typen. Gebruik de lijsten van deze juf (gebruikersnaam: Dilatua) of maak zelf een lijst aan met de woorden die jij moet leren.

Zoek een liedje dat je kunt karaoken op YouTube. Zorg ervoor dat het een bekend lied is dat iedereen kent en oefen eerst het lied met de papieren tekst erbij. Een liedje wat alle kinderen bijvoorbeeld kennis is het liedje van Anna en Elsa uit Frozen (in ieder geval de meisjes), een lied wat veel volwassenen kennen is ‘strani amori’ van Laura Pausini.

Zet een liedje op op YouTube (zorg dat het een bekende is) en zet YouTube op pauze op een bepaald moment. Het team dat verder kan zingen krijgt een punt.

Spelletjes apps zoals WordOn of Ruzzle. Je moet dan zoveel mogelijk of het best mogelijke Italiaanse woord vinden. Ruzzle lijkt op Boggle, WordOn lijkt op Scrabble. Je krijgt een aantal letters die een aantal punten zijn en je moet daar het best mogelijke woord mee maken. Helaas is Wordfeud nog niet beschikbaar in het Italiaans.

Ik ben met leerlingen een virtuele toeristische kaart aan het maken van Italie. Ze kunnen zelf plekken toevoegen en iets omschrijven. Leerlingen hebben hiervoor wel een google account nodig.

Italiaanse taalspelletjes met pen en papier

Vertel een verhaal in het Italiaans en laat leerlingen het tekenen.

Vat een boek samen in een tweet van 140 tekens. De anderen moeten daarna raden welk boek het is.

Wie, wat, waar, wanneer, waarom. Nummer 1 krijgt een blaadje en schrijft een personage op. Vervolgens vouwt hij het briefje. De volgende schrijft dan op een leeg blad een voorval, weer wordt het papier omgevouwen, de volgende schrijft een plaats etc. Nadat de laatste heeft geschreven vouw je het briefje uit en lees je het verhaal voor. Je krijgt dan bijvoorbeeld: La parucchiere con capelli blu / ha vinto la lotteria / nel centro di Amsterdam / la notte di San Silvestro / perché ama molto i suoi gatti.

Maak een verhaal I. Bij deze versie mag degene die het briefje krijgt het verhaal van de vorige lezen. Ieder voegt steeds twee woorden toe aan het verhaal.

Maak een verhaal II. Iedere student krijgt een briefje. Daarna worden de briefjes één voor één voorgelezen. De studenten moeten er een verhaal mee schrijven. Daarna kun je de verhalen aan elkaar voorlezen.

Vraag en antwoord: om de condizionale en congiuntivo mee te oefenen. De klas wordt in twee groepen gesplitst. De één schrijft briefjes met ‘Cosa faresti se……’, de ander schrijft briefjes met ‘Farei…….. Daarna worden vraag en antwoord bij elkaar gelegd. Dat slaat natuurlijk nergens op, maar zorgt wel voor de nodige hilariteit.

Laat iemand zijn huis beschrijven. De ander moet het tekenen (de plattegrond) op papier.

Wie ben ik? De juf schrijft op een post-it de naam van een bekend personage en plakt deze op het hoofd van één van de leerlingen. Deze moet vervolgens door middel van het stellen van vragen er achter komen wie hij / zij is.

Je kunt online een woordzoeker maken met de woorden van de week.

Impiccato (galgje) om het alfabet te oefenen in het Italiaans.

Het Boek Met Alle antwoorden. Maak een lijst met mogelijke antwoorden op alle levensvragen die je zou kunnen stellen.

Italiaanse taalspelletjes buiten

Als het lekker weer is kun je de groep in twee groepen verdelen. Eerst moeten ze beiden een speurtocht uitzetten die vervolgens aan de andere groep gaan geven die hem gaat lopen. Een derde reflectie moment kan terug in de les waarop je bespreekt wat er eventueel verkeerd ging. Handig voor het oefenen van de imperativo, de gebiedende wijs.

Zet mensen buiten met de rug tegen elkaar en laat ze beschrijven aan elkaar wat ze zien.

Spelen met niks

Woorden rijgen. Iemand zegt een woord, de volgende mag een woord zeggen dat begint met de laatste letter van het vorige woord. Voor het Italiaans kom je na 5 minuten op steeds dezelfde klinkers uit!

Mi fa pensare a…… De leraar noemt een woord. De volgende noemt een woord wat hij/ zij daarmee associeert. De volgende gaat daarmee verder. Waar kom je bij uit?

Non dire sì o no. Éen iemand krijgt de beurt. De rest gaat vragen stellen. De leerling mag niet met ja of nee antwoorden. Kun je dat lang volhouden?

Speeddaten. Je zet mensen tegenover elkaar en laat ze na 2 minuten wisselen van gesprekspartner. Om dit wat af te wisselen kun je ze van te voren ook na laten denken en zelf een compleet nieuw personage te verzinnen. Giuseppe uit Basilicata die houdt van vissen en tango dansen.

Alibi. Je vertelt: er is een inbraak geweest gisteren tussen 20:00 en 21:00 op de Tapuitstraat. Vervolgens moeten de leerlingen in duo’s een alibi met elkaar bespreken. Waar waren zij? Wat deden zij? Vervolgens als iedereen het alibi heeft gemaakt wordt 1 van het duo de klas uit gestuurd. De ander wordt aan de tand gevoeld over zijn alibi. Vervolgens mag zijn maatje terug komen en wordt die ondervraagd. Kloppen de alibi’s met elkaar? Dan hebben zij het niet gedaan. Het duo waarvan de verhalen het meeste uit elkaar liepen is natuurlijk de dader!

Dialogo a catena: Iemand stelt een vraag, de volgende in de kring mag hem beantwoorden en een nieuwe vraag stellen aan zijn buurman. Die moet de vraag beantwoorden en weer een nieuwe vraag stellen aan zijn buurman. Etc.

Zing een lied. Noem twee zinnen uit een liedje. Degene die het liedje raad krijgt een punt. Als degene het ook kan zingen krijg je een punt extra. Degene die het raad krijgt de beurt om zelf twee zinnen uit een liedje op te zoeken.

Tongbreker. Zet er een op het bord en laat de leerlingen ermee oefenen.

Ik zie ik zie wat jij niet ziet…. en het is…..

Ik ga op vakantie en ik neem mee….. Voor de gevorderden ook leuk om de possessivi mee te oefenen. Mijn tandenborstel, jouw koffer, jouw zonnebrandolie etc. Goed voor de woordenschat ook.

Vertel een verhaal en laat de studenten het uitbeelden op een theatrale manier. Goed voor de luistervaardigheid en het taalbegrip.

Pictionary. Iemand krijgt een kaartje waar een woord op staat. Dit gaat hij/ zij op het bord tekenen. Degene die het raad mag daarna aan de beurt om te tekenen.

Doorfluisteren: de juf fluistert een zin in het oor van leerling 1. Deze moet het doorfluisteren aan leerling 2, deze fluistert het door aan leerling 3. Dit gaat zo door. De laatste moet wat hij heeft gehoord hardop zeggen. Je kunt dan hardop met de klas checken of het overeenstemt met de 1e zin die is ingefluisterd door de juf.

Quiz. Bij dit spel heb je een lijst nodig van onregelmatige zelfstandige naamwoorden. Zoals il bar, la mano ecc. vervolgens vraag je aan leerlingen of het enkelvoud of meervoud, mannelijk of vrouwelijk is. Elk goed antwoord levert een punt op.

Spreekwoorden. Je bespreekt met leerlingen 5 Italiaanse spreekwoorden. Daarna moet een leerling een spreekwoord uitbeelden. De anderen moeten raden welk spreekwoord het is.